Een tijdlijn van de geschiedenis zet perioden en gebeurtenissen in volgorde, van het oudste verleden tot nu. In de Nederlandse indeling begint die bij de tijd van jagers en boeren, vóór ongeveer 3000 voor Christus, en loopt hij via de oudheid en middeleeuwen door tot de tijd van televisie en computers.
De grenzen tussen perioden zijn afspraken. Ze helpen je om overzicht te houden, maar veranderingen vonden niet overal op hetzelfde moment plaats.
De tijdlijn van de geschiedenis in één overzicht
De onderstaande tijdlijn gebruikt de indeling in tien tijdvakken die je in het Nederlandse onderwijs vaak tegenkomt. De jaartallen zijn afgeronde grenzen en geven geen plotselinge omslag aan.
Jagers en boeren, tot ongeveer 3000 voor Christus. Mensen leven eerst van jagen en verzamelen. Later ontstaan op verschillende plaatsen landbouw en veeteelt.
Grieken en Romeinen, ongeveer 3000 voor Christus tot 500 na Christus. In deze lange periode ontstaan samenlevingen met steden en schrift. Ook de Griekse en Romeinse wereld horen bij dit tijdvak.
Monniken en ridders, ongeveer 500 tot 1000. In West-Europa verandert de samenleving na het einde van het West-Romeinse Rijk. Het christendom krijgt er een grote invloed.
Steden en staten, ongeveer 1000 tot 1500. Handel en steden groeien. Ook krijgen bestuurders in delen van Europa meer invloed over grotere gebieden.
Ontdekkers en hervormers, ongeveer 1500 tot 1600. Europese reizen over zee verbinden werelddelen op nieuwe manieren. Binnen het christendom ontstaan grote veranderingen.
Regenten en vorsten, ongeveer 1600 tot 1700. Handel over zee en machtige vorsten drukken een stempel op deze eeuw.
Pruiken en revoluties, ongeveer 1700 tot 1800. Nieuwe ideeën over bestuur en rechten verspreiden zich. Aan het einde van de periode vinden grote politieke omwentelingen plaats.
Burgers en stoommachines, ongeveer 1800 tot 1900. Machines en fabrieken veranderen de manier waarop veel mensen werken en leven.
Wereldoorlogen, ongeveer 1900 tot 1950. In de eerste helft van de twintigste eeuw vinden twee wereldoorlogen plaats.
Televisie en computer, vanaf ongeveer 1950. Televisie, computers en later internet veranderen hoe mensen informatie delen en met elkaar communiceren.
Zo lees je jaartallen op een historische tijdlijn
Jaartallen vóór het begin van de christelijke jaartelling krijgen de toevoeging voor Christus, vaak afgekort tot v.Chr. Daarbij geldt: hoe hoger het getal, hoe verder terug in de tijd. Zo ligt 3000 voor Christus eerder dan 1000 voor Christus.
Jaartallen na het begin van de jaartelling lopen juist op richting het heden. Een tijdlijn lees je daarom meestal van links naar rechts: eerst de oudste datum, daarna steeds recentere momenten. Let erop dat er in deze jaartelling geen jaar nul is. Op 1 voor Christus volgt 1 na Christus.
Je kunt ook eeuwen tegenkomen in plaats van losse jaartallen. De twintigste eeuw bestaat bijvoorbeeld uit de jaren die beginnen met 19. Een eeuw en het begin van een jaartal hebben dus niet hetzelfde getal.
Wat de grenzen op de tijdlijn wel en niet zeggen
Een grens zoals 1500 betekent niet dat mensen op die datum ineens anders gingen leven. Veranderingen groeiden vaak geleidelijk en oude en nieuwe gebruiken konden naast elkaar bestaan.
De tien tijdvakken zijn vooral handig om de volgorde te onthouden. Ze zijn sterk gericht op de Nederlandse en Europese geschiedenis. Gebruik je dezelfde tijdlijn voor een andere plek in de wereld, dan passen de namen en grenzen niet altijd even goed.
Ook het begin van de geschreven geschiedenis verschilt per gebied. Schrift ontstond niet overal tegelijk. Daarom is één einddatum voor de periode vóór het schrift vooral een hulpmiddel voor het overzicht.
Zelf een tijdlijn van de geschiedenis maken
Een eigen tijdbalk helpt om gebeurtenissen uit lessen of boeken bij elkaar te plaatsen. Zo maak je er een die duidelijk blijft:
- Kies eerst het onderwerp en het begin- en eindpunt. Gaat het om de hele geschiedenis of om een kortere periode?
- Trek een lijn en verdeel die in gelijke stukken als de tijdsduur goed zichtbaar moet zijn.
- Zet de oudste periode links en werk naar rechts. Schrijf bij gebeurtenissen vóór Christus steeds de toevoeging v.Chr.
- Plaats gebeurtenissen bij hun datum en noteer er kort bij wat er gebeurde.
- Controleer de volgorde en geef aan als een datum of grens ongeveer is.
Op een tijdlijn van de hele geschiedenis is de vroegste periode veel langer dan de latere tijdvakken. Geef je elk tijdvak evenveel ruimte, dan zijn de namen goed leesbaar, maar laat de lengte van de vakken niet zien hoeveel tijd ze werkelijk beslaan.
Veelgestelde vragen over de historische tijdlijn
Wat is het verschil tussen een tijdlijn en een tijdvak?
Een tijdlijn laat zien hoe perioden en gebeurtenissen na elkaar komen. Een tijdvak is één afgebakende periode op zo’n lijn.
Staat alles op een tijdlijn precies op schaal?
Nee. Sommige tijdlijnen gebruiken gelijke afstanden voor gelijke aantallen jaren. Andere geven elk tijdvak evenveel ruimte om de namen en gebeurtenissen leesbaar te houden.
Waarom gebruiken verschillende tijdlijnen soms andere grenzen?
De indeling hangt af van wat de maker wil laten zien. Een grens kan bijvoorbeeld verwijzen naar een gebeurtenis, terwijl een andere tijdlijn een afgerond jaartal gebruikt. Kijk daarom altijd welke indeling bij de lijn staat.
Gebruik de tien tijdvakken als houvast voor de volgorde en kijk bij een gebeurtenis ook naar de plaats en de precieze datum. Zo zie je niet alleen wanneer iets gebeurde, maar voorkom je ook dat een afgeronde tijdvakgrens te veel betekenis krijgt.