Waren mijn voorouders slavenhouders? Dat kun je onderzoeken door je familielijn te verbinden met namen in slavenregisters, emancipatieregisters en andere archiefstukken. Een overeenkomst in achternaam is niet genoeg: je moet ook kunnen aantonen dat de genoemde persoon jouw voorouder was.

Begin bij een voorouder van wie je weet waar en wanneer die leefde. Zoek daarna naar bronnen uit die plaats en tijd. Soms vind je duidelijk bewijs, maar het kan ook zijn dat de archieven geen uitsluitsel geven.

Waren mijn voorouders slavenhouders? Begin met een naam

Noteer van de voorouder die je wilt onderzoeken de volledige naam, woonplaats en levensdata. Kijk ook naar een eventuele echtgenoot of echtgenote. Met die gegevens kun je iemand beter onderscheiden van een naamgenoot.

Werk vervolgens met deze stappen:

  • Zoek naar de naam in slavernijarchieven. Het Nationaal Archief heeft onder meer bronnen over slavernij in Suriname en het Caribisch gebied. Er zijn ook doorzoekbare databases voor Suriname, Curaçao, Aruba en Sint Eustatius.
  • Bekijk de rol van de genoemde persoon. In een register kan iemand als eigenaar van tot slaaf gemaakte mensen worden genoemd. Een vermelding als bestuurder, erfgenaam of ontvanger van een betaling betekent niet vanzelf dat die persoon zelf eigenaar was.
  • Controleer of het jouw voorouder is. Vergelijk niet alleen de naam, maar ook de woonplaats, familieleden en andere gegevens. Zoek naar aktes die de familierelatie ondersteunen.
  • Bekijk waar mogelijk het oorspronkelijke document. Een online naamindex is een handig begin, maar in de scan kunnen meer gegevens staan. Noteer ook de naam van het archief en het document, zodat je het kunt terugvinden.

Welke documenten kunnen een aanwijzing geven?

Slavenregisters kunnen namen van eigenaren en tot slaaf gemaakte mensen bevatten. In emancipatieregisters staan gegevens over mensen die bij de afschaffing van de slavernij in 1863 werden vrijverklaard. Ook daar kun je een naam tegenkomen die je verder helpt.

Andere documenten kunnen de relatie verduidelijken. Denk aan een testament, een boedelbeschrijving of een verkoopakte. Daarin kan bijvoorbeeld staan wat iemand bezat of naliet. Vergelijk zulke documenten met elkaar: een enkele naam zonder verdere gegevens is vaak niet voldoende om een persoon te herkennen.

Onderzoek je een familie buiten Suriname of het Caribisch gebied? Zoek dan bij het archief dat bronnen uit die regio bewaart. De registers uit het Caribisch gebied geven geen volledig beeld van slavernij in alle voormalige Nederlandse koloniën.

Wat bewijst een achternaam of familietraditie?

Een gedeelde achternaam bewijst niet dat iemand afstamt van een slavenhouder. Vrijgemaakte mensen kregen soms een naam die was afgeleid van die van een eigenaar. Zo’n naam kan een aanwijzing zijn om verder te zoeken, maar zegt op zichzelf niets over een familieband.

Ook een familieverhaal kan een bruikbaar startpunt zijn. Probeer de genoemde persoon en plaats terug te vinden in documenten en controleer daarna elke stap naar je eigen familie. Houd daarbij onderscheid tussen een directe voorouder en een verder familielid.

Vind je een mogelijke match, bewaar dan de gegevens en schrijf op wat het document wel en niet bewijst. Zo voorkom je dat een naamgenoot ten onrechte een plek krijgt in jouw familiegeschiedenis.

0 Shares:
You May Also Like