De Tweede Wereldoorlog in Nederland begon op 10 mei 1940, toen Duitsland het land binnenviel. Na de Nederlandse capitulatie volgde bijna vijf jaar Duitse bezetting. In september 1944 werden de eerste delen van Nederland bevrijd. Op 5 mei 1945 werd de Duitse overgave in Nederland overeengekomen.
De oorlog had grote gevolgen voor het dagelijks leven. Mensen verloren hun vrijheid, werden vervolgd of moesten hun huis verlaten. Ook waren er mensen die de bezetter hielpen of juist tegenwerkten.
Nederland in de Tweede Wereldoorlog in grote lijnen
Toen Duitsland op 1 september 1939 Polen binnenviel, was Nederland nog niet rechtstreeks bij de oorlog betrokken. Het Nederlandse leger was wel gemobiliseerd: militairen werden opgeroepen om het land te verdedigen.
Op 10 mei 1940 vielen Duitse troepen Nederland aan. Er werd onder meer gevochten bij de Grebbeberg en rond Den Haag, Rotterdam en Dordrecht. Na het bombardement op Rotterdam capituleerde Nederland op 15 mei. In Zeeland gingen de gevechten nog door tot 17 mei.
De koningin en de regering waren naar het buitenland vertrokken. Vanuit Londen bleven zij zich tegen Duitsland verzetten. In Nederland kwam het bestuur onder Duitse leiding te staan.
Het dagelijks leven veranderde stap voor stap
Niet iedereen merkte de gevolgen van de bezetting meteen op dezelfde manier. Scholen en winkels bleven aanvankelijk op veel plaatsen open en mensen gingen naar hun werk. Tegelijk kreeg de Duitse bezetter steeds meer invloed op wat wel en niet mocht.
De pers en de radio kwamen onder controle te staan. Politieke partijen en verenigingen werden verboden of konden niet meer vrij werken. Wie zich tegen de bezetter uitsprak, liep gevaar.
Ook werden voedsel en andere dagelijkse spullen schaarser. Mensen kregen te maken met regels voor de verdeling van producten. Mannen konden worden opgeroepen om in Duitsland te werken. Sommigen probeerden daaraan te ontkomen door onder te duiken.
Aan het einde van de oorlog verschilden de omstandigheden sterk per gebied. Terwijl delen van Zuid-Nederland al waren bevrijd, leden mensen in het westen tijdens de Hongerwinter van 1944 en 1945 honger en kou.
Verschillende ervaringen tijdens de oorlog
De Duitse bezetter sloot Joden stap voor stap uit van het openbare leven en liet hen registreren en deporteren. Ruim 100.000 Joden uit Nederland werden vermoord. Ook Roma en Sinti, politieke tegenstanders en andere groepen werden vervolgd.
De keuzes van Nederlanders liepen uiteen. Sommige mensen hielpen de bezetter, onder wie leden van de NSB. Anderen hielpen onderduikers, verspreidden verboden kranten of pleegden sabotage. Veel mensen probeerden vooral hun gezin te beschermen en de oorlog door te komen.
Die ervaringen waren niet voor iedereen gelijk. Wie werd vervolgd, liep andere risico’s dan iemand die niet tot een vervolgde groep behoorde. Ook voor wie onderduikers hielp of in het verzet zat, kon ontdekking ernstige gevolgen hebben.
Van oorlog naar vrijheid
Vanaf september 1944 rukten geallieerde troepen op in Nederland. Een deel van het zuiden werd bevrijd, maar de strijd rond Arnhem eindigde niet met de snelle bevrijding waarop veel mensen hadden gehoopt. In andere delen van het land duurde de bezetting voort tot het voorjaar van 1945.
Op 5 mei 1945 werd in Wageningen de Duitse overgave in Nederland overeengekomen. Canadese troepen speelden een grote rol bij de bevrijding. Niet iedereen beleefde die vrijheid op dezelfde dag: de komst van de geallieerden verschilde per plaats.
Na de oorlog keerden sommige mensen terug uit onderduik, gevangenschap of dwangarbeid. Anderen kwamen niet terug. Veel families moesten verder met verlies en onzekerheid over het lot van hun naasten.
Veelgestelde vragen over Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog
Hoe lang was Nederland bezet?
De Duitse bezetting duurde bijna vijf jaar, van mei 1940 tot mei 1945. Het zuiden werd al eerder bevrijd.
Wat deed de Nederlandse regering tijdens de oorlog?
De regering werkte vanuit Londen verder. Van daaruit bleef zij zich tegen Duitsland verzetten, terwijl de Duitse bezetter in Nederland de macht had.
Zijn er nog sporen van de oorlog te zien?
Ja. Op verschillende plaatsen vind je monumenten, bunkers, begraafplaatsen en gebouwen die herinneren aan de oorlog. Ook namen op gevels en straten kunnen verwijzen naar gebeurtenissen of slachtoffers uit die tijd.
Wie zo’n plek bezoekt, kan op het plaatselijke informatiebord vaak lezen wat daar gebeurde en welke mensen erbij betrokken waren.