De hongerwinter was de periode van grote voedsel- en brandstoftekorten in het westen van Nederland tijdens de winter van 1944 op 1945. Vooral in de steden raakten veel mensen ernstig ondervoed. Naar schatting overleden ongeveer 22.000 mensen extra door de gevolgen van de hongersnood.

De tekorten ontstonden niet door één oorzaak. Het vastgelopen vervoer, maatregelen van de Duitse bezetter en de winterkou maakten samen dat voedsel en brandstof de steden nauwelijks meer bereikten.

Waar en wanneer was de hongerwinter?

De hongerwinter speelde zich af aan het einde van de Tweede Wereldoorlog. Vooral inwoners van steden in het westen, zoals Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht, werden zwaar getroffen. Daar woonden veel mensen dicht op elkaar en was voedsel van buiten de stad nodig.

Het zuiden van Nederland was in de herfst van 1944 al grotendeels bevrijd. In andere delen van het land duurde de Duitse bezetting voort. Ook buiten de zwaarst getroffen steden waren er tekorten, maar de omstandigheden verschilden per streek.

Er is geen precieze dag aan te wijzen waarop de hongersnood begon. De situatie verslechterde in de herfst en werd in de winter van 1944 op 1945 steeds ernstiger. Na de bevrijding in mei 1945 kwam de voedselvoorziening weer op gang, al waren de gevolgen daarmee niet meteen verdwenen.

Hoe ontstond de hongerwinter?

In september 1944 begon een spoorwegstaking. De Nederlandse regering in Londen had daartoe opgeroepen om de geallieerde opmars te helpen. De staking maakte het vervoer per trein moeilijker. Als reactie legde de Duitse bezetter tijdelijk beperkingen op aan het vervoer van voedsel over water naar het westen.

De militaire operatie Market Garden moest een snelle geallieerde opmars mogelijk maken, maar bereikte niet alle doelen. Daardoor bleef het westen bezet en kwam de gehoopte snelle bevrijding daar niet.

Ook nadat het voedselvervoer over water weer werd toegestaan, bleef de aanvoer moeilijk. Er waren te weinig vervoermiddelen en brandstof. Toen de vorst inviel, raakten sommige waterwegen bovendien moeilijk of niet bevaarbaar. Voedsel dat elders nog wel aanwezig was, kwam daardoor niet vanzelf bij de mensen in de steden terecht.

Het dagelijks leven tijdens de hongersnood

Voor veel gezinnen draaide de dag om het vinden van eten en warmte. De hoeveelheden voedsel werden steeds kleiner. Mensen stonden in de rij bij gaarkeukens, waar soep of ander eenvoudig eten werd uitgedeeld. Toch was die hulp vaak niet genoeg om gezond te blijven.

Ook brandstof was schaars. Huizen waren moeilijk te verwarmen en koken werd een probleem. Mensen gebruikten hout dat ze konden vinden, onder meer van bomen en uit leegstaande huizen. Het gebrek aan warmte was extra zwaar voor wie door honger al verzwakt was.

Niet iedereen maakte de winter op dezelfde manier mee. Wie familie of bekenden op het platteland had, kon soms hulp krijgen. Mensen zonder geld, contacten of de kracht om op pad te gaan, waren vaker aangewezen op de beperkte hulp in hun omgeving.

Hongertochten naar het platteland

Veel stadsbewoners trokken naar het platteland om eten te zoeken. Zo’n tocht maakten ze vaak lopend of met een fiets, soms met een handkar. Ze vroegen bij boerderijen om voedsel of probeerden spullen te ruilen.

Een hongertocht was zwaar en bood geen garantie op eten. De afstanden waren groot voor mensen die al weinig hadden gegeten. Onderweg konden ze te maken krijgen met kou, uitputting en controles. Sommige mensen kwamen met voedsel thuis, anderen moesten zonder of met weinig terugkeren.

Ook kinderen werden soms naar gezinnen buiten de getroffen steden gebracht. Daar konden ze aansterken en eten krijgen. Voor ouders betekende dat een moeilijke scheiding, maar het kon hun kinderen wel helpen om de winter door te komen.

Wie waren het kwetsbaarst?

Honger verzwakt het lichaam en vermindert de weerstand tegen ziekten. Mensen konden daardoor niet alleen aan de directe gevolgen van voedselgebrek overlijden, maar ook aan een ziekte die ze onder betere omstandigheden misschien hadden overleefd.

Baby’s en oudere mannen behoorden tot de kwetsbaarste groepen. Ook mensen die ziek waren of weinig hulp uit hun omgeving kregen, liepen extra gevaar. Wie niet zelf op zoek kon naar eten en niemand had om te helpen, was afhankelijk van wat anderen konden brengen.

Het precieze aantal slachtoffers is moeilijk vast te stellen. Honger staat niet altijd als directe doodsoorzaak geregistreerd. De schatting van ongeveer 22.000 extra doden kijkt daarom naar de hogere sterfte door de omstandigheden tijdens de hongersnood.

Hulp en het einde van de hongerwinter

Buurtgenoten, hulporganisaties en gaarkeukens probeerden mensen door de tekorten heen te helpen. Gezinnen deelden wat ze hadden en sommige kinderen konden buiten de steden terecht. Die hulp maakte voor mensen verschil, maar kon niet voorkomen dat velen ernstig verzwakten.

Aan het einde van de oorlog werden ook voedseldroppings boven bezet gebied uitgevoerd. Geallieerde vliegtuigen wierpen voedsel af, nadat daarover afspraken waren gemaakt. Na de bevrijding kon meer hulp het westen bereiken en kwam de aanvoer verder op gang.

Voor mensen die ernstig ondervoed waren, kostte herstel tijd. Ook na de eerste voedselhulp waren niet alle problemen meteen opgelost. De winter liet gevolgen na voor de gezondheid van overlevenden en voor gezinnen die iemand hadden verloren.

Veelgestelde vragen over de hongerwinter

Hoe koud was het tijdens de hongerwinter?
Er waren perioden met vorst, waardoor vervoer over water moeilijker werd. De kou was vooral gevaarlijk doordat mensen weinig brandstof hadden en hun huizen vaak niet goed konden verwarmen.

Had heel Nederland evenveel last van honger?
Nee. De grootste hongersnood trof vooral de steden in het westen. Elders verschilden de omstandigheden en was voedsel soms beter te krijgen, al waren ook daar tekorten.

Waarom is het aantal doden een schatting?
Ondervoeding maakte mensen vatbaar voor ziekten en putte hun lichaam uit. Omdat honger niet altijd als doodsoorzaak werd genoteerd, is niet voor ieder slachtoffer precies vast te stellen welke rol voedselgebrek speelde.

Foto’s en filmbeelden uit de hongerwinter laten zien hoe ingrijpend het gebrek aan eten en warmte was. Achter die bekende beelden gingen veel verschillende ervaringen schuil, van lange hongertochten tot hulp tussen buren.

0 Shares:
You May Also Like